Ook interessant

Darmflora en obesitas


De samenstelling van darmflora is mogelijk mede veroorzaker van obesitas. Lees meer...
Darmflora PDF Afdrukken E-mail

Ons spijsverteringsstelsel begint bij onze mond en eindigt bij de anus. Ze is verantwoordelijk voor de inname van voedsel, de afbraak van dit voedsel tot voedingsstoffen, de opname van deze voedingsstoffen in het bloed en verwijdering uit het lichaam van de overgebleven onverteerbare voedselresten.

Heel globaal gezien bestaat het uit 4 onderdelen: de slokdarm, de maag, de dunne darm en de dikke darm.

Onze darmflora komt in het hele maagdarmkanaal voor doch leeft met name in onze dikke darm. Hoe onze darmflora precies is samengesteld en wat ze allemaal precies doet is nog steeds niet helemaal duidelijk. Onze onderzoeksmethoden zijn hiervoor nog niet toereikend.
Wel staat vast dat er in onze darmen meer micro-organismen leven dan dat er mensen op deze aardbol rondlopen, zelfs net iets meer dan de hoeveelheid cellen waaruit een gemiddeld mensenlichaam is opgebouwd, dat deze micro-organismen bij elkaar zo’n 1 kg wegen, dat de gemeenschap micro-organismen tenminste meer dan duizend verschillende leden telt en niet allemaal bacteriën, dat zij uniek is per persoon en dat ze van wezenlijk belang is voor het goed functioneren van ons lichaam en ons immuunsysteem.

Ons maagdarmkanaal is een enorm risicogebied voor onze gezondheid. Met alles wat onze mond (en dus ons lichaam) binnenkomt liften schadelijke stoffen (bacteriën, schimmels, virussen, parasieten, giffen en andere ziekmakers) mee. Gelukkig heeft ons lichaam hiertegen perfecte maatregelen genomen, waaronder ons immuunsysteem. Onze darmflora maakt hier een belangrijk deel van uit.

Het begin
Op het moment dat we geboren worden is ons maagdarmkanaal nog helemaal vrij van bacteriën. Daarnaast hebben we als pasgeborene ook nog geen volledig ontwikkeld immuunsysteem. Gelukkig biedt een moederlichaam ook na de geboorte nog bescherming.
Omdat vagina en anus zo dicht naast elkaar liggen, worden we, tijdens een natuurlijke geboorte, meteen “besmet” met darmflora van de moeder. Daarnaast blijkt dat het vet en het slijm, waarmee we na de geboorte bedekt zijn, van belang is voor de opbouw van een gezonde darmflora.
Via de moedermelk krijgen we o.a. allerlei antistoffen, celbeschermende stoffen, ontstekingsremmers maar ook verschillende suikers mee, waar bepaalde darmflora gek op zijn en ziekmakende bacteriën juist niet. En sinds kort weten we dat in moedermelk ook grote aantallen levende melkzuurbacteriën zitten, die zich meteen vestigen en vermenigvuldigden in de darmen van de baby.
Vanaf de geboorte komen allerlei bacteriën uit de directe omgeving en voeding via de mond in de darmen van de baby terecht, waar het steeds drukker wordt en de gemeenschap ook steeds gevarieerder. Dan heeft de ene bacteriesoort de overhand, dan weer eens een andere. Uiteindelijk stabiliseert de samenstelling zich en ontstaat er de per individu unieke darmflora die vrij stabiel is. Juist in de kindertijd, waarin onze darmflora zich ontwikkeld is de voeding dus erg belangrijk. Op latere leeftijd kunnen we de samenstelling niet meer zo zeer wijzigen, doch door ons dieet kunnen we wel de absolute aantallen van de verschillende bacteriegroepen veranderen.

Het belang van darmflora
Zoals gezegd weten we nog lang niet alles over darmflora. Gelukkig vinden we steeds meer methoden om hier onderzoek naar te verrichten.
In de dikke darm vindt geen vertering van voedsel meer plaats. Dat heeft plaatsgevonden in het voorgaande deel van het spijsverteringskanaal. Wat uiteindelijk de dikke darm binnenkomt zijn onverteerde en onverteerbare resten. Deze resten vormen de voedingsbodem voor onze darmflora.
Inmiddels weten we dat darmflora zorgen voor o.a. de volgende zaken:

  • Ze produceren vitamine K, wat van belang is voor de opbouw van verschillende stollingsfactoren voor het bloed;
  • Ze produceren verschillende andere vitaminen waaronder B1, B2, B5, B6, B12, foliumzuur en biotine ;
  • Er worden zouten en water uit de resten gehaald die worden opgenomen door het lichaam;
  • Darmflora zorgt voor een veel efficiënter gebruik van het voedsel dat we eten;
  • Ze vormen allerlei zuren zoals azijnzuur, propionzuur, melkzuur en boterzuur, waardoor onze darmen zuurder worden en ziekmakende bacteriën hierin niet kunnen overleven. Azijnzuur en propionzuur worden in het lichaam opgenomen en dienen daar als brandstof. Boterzuur is van belang voor de vorming van het slijmvlies in de darmen (bescherming) en blijkt aan te zetten tot de vorming van een natuurlijk antibioticum tegen de shigella bacterie (dysenterie);
  • Doordat de darmflora in zulke grote hoeveelheden aanwezig zijn blijft er letterlijk weinig ruimte over voor ziekmakende bacteriën om zich te vestigen en te vermenigvuldigen;
  • Melkzuurbacteriën vormen, naast melkzuur, ook nog meer dan twintig andere stoffen die virussen en andere ziekmakers doden;
  • Bepaalde bacteriën vormen met bepaalde suikers en eiwitten een zichzelf onderhoudende beschermlaag op de darmwand. Ziekmakende bacteriën kunnen zich er daardoor niet op vestigen;
  • Een aantal micro-organismen (met name melkzuurbacteriën) van de darmflora lijken een kalmerend effect te hebben op ons immuunsysteem, waardoor voorkomen wordt dat deze te heftig gaat reageren (allergieën);
  • Gezonde darmflora produceren zogenaamde cytolysefactoren (tumorremmende stoffen).

Wanneer onze darmflora niet meer gezond is kan dit leiden tot o.a.:

  • Tekorten van vitaminen, mineralen en sporenelementen;
  • Ziekmakende micro-organismen krijgen de kans zich te vermenigvuldigen in onze darmen, waardoor  o.a. ons lichaam wordt “vergiftigd’ door de giftige stoffen die deze laten vrijkomen of door deze micro-organismen zelf;
  • Overbelasting van ons immuunsysteem in de darmen (lymfeknopen) waardoor op den duur niet alle gifstoffen meer kunnen worden verwerkt.

Handhaven van een gezonde darmflora
Een gezonde darmflora is dus van wezenlijk belang voor ons lichaam en ons immuunsysteem. Uit eigenbelang is het daarom belangrijk deze darmflora zo gezond mogelijk te houden. Zoals reeds gezegd is de samenstelling van de darmflora per individu uniek en redelijk stabiel. Diëten hebben invloed op de absolute aantallen.
Van belang is daarom wat we tot ons nemen en wat we beter kunnen vermijden:

  • Beperken van antibiotica. Zoals het woord al impliceert dood antibiotica bacteriën. Helaas zijn dit niet alleen de ziekmakende bacteriën doch ook de gezonde. De darmflora wordt gedood, er is letterlijk meer ruimte voor ziekmakende micro-organismen, die via onze mond binnenkomen. Ze kunnen zich gaan vermenigvuldigen. Daarnaast worden ze in hun groei niet meer geremd omdat de stoffen waardoor ze gedood worden (en geproduceerd door bepaalde darmflora) niet meer aanwezig zijn;
  • Het drinken van water. Net als onze planten in de tuin wil darmflora graag water. De regel is gemiddeld 1,5 liter water per dag. We denken dat het vocht dat we tot ons nemen in de vorm van koffie, thee, frisdrank voldoende is. Echter, water waar iets aan is toegevoegd bereikt nauwelijks onze darmen. Vanwege die toegevoegde stoffen wordt het al versneld in het voorgaande deel van het spijsverteringskanaal opgenomen. Zuiver water passeert dit wel ongehinderd en komt wel in onze dikke darmen terecht;
  • Geraffineerde suiker: goede darmflora kan hier niets mee. Het is echter een voedingsbodem voor ziekmakende organismen (bijvoorbeeld schimmels);
  • Cafeïne, nicotine en alcohol zijn giftig voor onze darmflora;
  • Verzadigde vetten vormen een bedreiging voor onze darmflora. Onverzadigde vetten zijn daarentegen belangrijke stoffen;
  • Anticonceptiemiddelen (de pil) heeft een ongunstige werking op onze darmflora;
  • Langdurig gebruik van corticosteroïden

Probiotica, prebiotica en synbiotica
Probiotica zijn levende bacteriën die de bacteriële samenstelling in de darm gunstig beïnvloeden en een gunstige invloed op de gezondheid hebben.
Nu zijn er tegenwoordig in de winkels hele schappen vol te vinden met yoghurtachtige drankjes met levende bacteriën erin. Daarnaast zijn er diverse pillen, poeders en tabletten in de handel met gevriesdroogde bacteriën.
Deze toegevoegde darmbacteriën kunnen onze eigen flora niet vervangen. Wat ze echter wel kunnen doen is, bij een verstoorde darmflora, de vrijgekomen ruimtes vullen, zodat ziekmakende bacteriën geen kans krijgen zich te vermenigvuldigen. Daarnaast bevatten deze levensmiddelen of preparaten vaak melkzuurbacteriën die het milieu in onze darmen zuurder maken. Ziekmakende bacteriën krijgen zo evenmin een kans. Onze eigen darmflora krijgt zo de kans zich weer te herstellen.
Omdat probiotica zo’n 1 tot 2 dagen in onze darmen aanwezig blijven (het zijn lichaamsvreemde stoffen en worden dus uiteindelijk “onschadelijk” gemaakt door ons eigen lichaam) is het van belang deze middelen regelmatig in te nemen.
Er wordt steeds meer onderzoek verricht naar de werking van probiotica op ons lichaam. Probiotica laat hierbij een veelbelovend beeld zien bijvoorbeeld in de vorm van minder infecties bij de patiënten met getransplanteerde levers, een meetbaar verlengde recidiefvrije periode bij blaaskankerpatiënten en minder allergisch eczeem bij kinderen

Daarnaast zijn prebiotica ook van belang voor onze darmflora. Dit zijn niet-verteerbare voedingsbestandddelen die de groei en/of activiteit van bepaalde bacteriën in onze darm bevorderen en daardoor een gunstige invloed op de gezondheid hebben. Prebiotica zit vaak in ons voedsel. De voedingsvezel inuline is bijvoorbeeld zo’n prebiotica en zit o.a. in asperges, uien, koffie-cichorei, prei, tarwe en knoflook. Er zijn ook prebiotica in de handel.

Daarnaast zijn er ook synbiotica in de handel, een combinatie van pro- en prebiotica, waarbij men hoopt op een synergistisch effect.

Meer info is te vinden in het cahier Darmflora of bij het integraal medisch centrum 
Zie ook Wikipedia voor probiotica en prebiotica.

 
< Vorige   Volgende >